Twee handen

Kunnen jullie het?
Opstaan om kwart voor zeven?

Deze vraagstelling is het gevolg van mijzelf zowel een avond- als een ochtendmens te wanen. Ik ben laat opgebleven. Ik ben vroeg moeten opstaan. Zodra duik ik vrijwillig de Brusselse ochtendrush in en zal ik doen alsof ik ook ergens haastig naartoe ga.

Kwart voor zeven. De enige reden waarom ik denk dat ik geen ochtendhumeur heb, is omdat er niemand is om het op uit te werken.

Ik zet koffie. Dat helpt. Het goedje droogt slechte buien uit.
Koffie, vanaf welke leeftijd mag je dat eigenlijk drinken? En hoeveel mensen die zich in de ochtendrush hebben gestort, moeten eigenlijk nog ontbijten? Traag trek ik een mueslikom en een lepel uit de berg afwas. Het heeft iets weg van een spelletje Mikado.

Twee kopjes lang kijk ik uit het keukenraam. Van zeven meter hoog zie ik hoe een donkerblauwe gezinswagen een manoeuvre inzet. In verschillende pogingen probeert hij van tussen de borduur en een tegen zijn gat plakkend kevertje weg te geraken. Millimeterwerk. Zacht tegen een andere auto aan parkeren noemen we in Brussel ‘een kuske geven’. Vanop het trottoir wuift een papa zijn zoontje op de achterbank uit. Hij vormt een hartje met zijn twee handen. Wanneer de auto eindelijk vertrekt, loopt de papa hem nog enkele passen achterna. Ik bedenk dat we te veel vergeten. De speelsheid van onze ouders – en zij die van hen  –, het eenvoudig kinderlijk gelukkig zijn. Hoe graag we elkaar al gezien hebben.

Zal hij het later nog weten dat zijn papa ’s ochtends kon vergeten dat de rest van de wereld bestond? Dat hij dan een prinsje was, op de achterbank van een koets zonder paarden. En dat zijn vader hartjes maakte met zijn twee handen.
Ik hoop het, terwijl ik mijn lege kopje koffie op de berg afwas plaats. Tussen al mijn vertedering zoek ik mijn ochtendmens en een passende jas.

Moet ik trouwens ook eens proberen met mijn twee smalle handen, die hartjes. In de volle ochtendrush van de stad . Beeld je eens in … Ja.

Ik vertrek.

bd9818b988d81811bde8ca4eb9db0c8f

Advertenties

Wildstil

Op de banken in het bos komt de woedende woekerende stad in ieder
tot rust.
Ze neemt tijd en adem, ze zwijgt en ze praat met elkaar,
ze telt haar wortels en haar takken.
Mensen op de banken in het bos ademen,
tellen hun wortels, zwijgen, praten, staren.
En als ik een passant ben wanneer de mensen op de banken staren,
dan loop ik niet in een boog om hen heen, neen, maar rechtdoor als een pijl door de wind.
En toen ik hen op een keer met veel wind passeerde in het park van Vorst, verrasten ze me eens.
Ze zetten ‘Always look on the bright side of life‘ in. En ik keek die kant op.

In het bos komt onze neiging tot gehoorzaamheid tot rust.
Doe eens je zin. Dat denkt ook de hond die niet doet wat baas wil.
Hond denkt: wat betekenen die gebaren, die geluiden
en ik wil niet lopen naar wiekende armen, wel
blijven liggen in het gras.
En hij blijft liggen. Dat kan tellen als protest. Dat denk ik ook vaak ’s ochtends.

Op de banken in de stad woedt en woekert alles en rust
niets.
Ik wandel in bogen om niet te botsen tegen geen enkel gezicht dat ik ken.
Ik ken niemand.
Ik weet wel dat Chinezen die met hun handen in de lucht lopen, een gek zicht zijn en ook gids.
Ik weet ook dat de vrouw van de taverne in Brussel-Centraal niet meer antwoordt
wanneer mensen haar de weg vragen.
Ze spreekt alleen nog als je een koffie of een pint bestelt.
En ik weet eveneens dat de twee uitbaatsters van de koffiezaak in Brussel-Noord elkaar graag zien…
En ik weet dat ergens in een leuk appartement
bij de transparante lift aan het Justitiepaleis, een jongeman soms aan het raam staat te koken.
En dan een proevertje aanbiedt aan zijn vriendin. Waarop zij haar neus optrekt en een smoel trekt.

In de stad maken ze reglementen.
Daar en hier en in het park mag je om te beginnen geen bloemen plukken.
En hier en daar en in het park komen plekken met hekken
waar je niet over mag klimmen,
om bij de bomen of om bij elkaar te zijn.
Ze maken plekken waar je niet zomaar mag overnachten,
maar wat als je daar nu het allerliefst zou wonen?

In de stad scheuren we onze kleren aan hekken, aan regels en aan mekaar.
In het bos wijken we van paden af, likken we onze scheuren, onze wonden,
als een dier en wildstil.

pluk-bloemen-geen-teken-54210475

Wildstille video