De intentie telt

elke dag naar mama bellen
had ik maanden geleden op een lijstje geschreven
er stonden nog zaken op
waar ik me niet aan heb kunnen houden

lijstjes,
intenties
geconcentreerde verlangens
hartzaken die helder aan de oppervlakte opdagen

maar soms belde ik niet

soms belde ik niet omdat ik niet wist wat zeggen
soms belde ik niet omdat ik je de dag daarvoor al had gebeld
of omdat ik je de dag daarvoor al had gebeld en je eerder snel had afgelegd
misschien paste het niet, was je zwijgzaam
had je pijn
soms belde ik niet omdat ik die dag al zoveel had gepraat met anderen
dan schaamde ik me ’s avonds dat ik wel met hen praatte en niet met jou
soms belde ik niet omdat ik had gebeld en je niet opnam
soms belde ik niet omdat ik had gebeld en je had gezegd dat je zou terugbellen maar deed dat niet
– ik ook niet
soms belde ik niet omdat jij niet wist wat zeggen
soms belden wij niet omdat wij niet wisten wat zeggen

soms belden we wel en wisten we niet wat zeggen
soms belden we wel en zeiden wat we niet wisten

soms belde ik niet omdat ik stil een wens maakte:
dat de pijn zou zwijgen
en ik jou leven kon geven zoals jij ooit mij

ik besluit een nieuw lijstje te maken
ik noteer: elke dag geloven dat mama kan helen
en zet er in eenzelfde adem een vinkje achter

Screenshot_1
♪ Circle of women
May all Mothers know that they are loved
And may all daughters know that they are worthy

Advertenties

Het licht dat op jou schijnt

ik teken zorgvuldig, vanop afstand, een lijn rond jou
een omtrek is beter gezegd, want een synoniem daarvan is ‘nabijheid’ en dat wil ik
het liefst

je bidprent – neen dat is het niet want jij geloofde niet in gebeden maar misschien durf ik niet zeggen wat het eigenlijk gewoon echt is, je doodsprent –
je doodsprent is afgebakend en nabij
gelijkaardig aan hoe ik de waarheid tracht te vatten

dan teken ik je witte krullen
je fier gekruiste armen
je stijlvolle bril
de paarse zakdoek die een beetje uit je kostuumvestzak stak
je strik
je glimlach
je zag er onvergetelijk goed uit
tussen iedereen die hoe dan ook mooi was, het was simpelweg een mooie dag
op de trouw van je zoon, papa

als laatste teken ik het licht dat op jou scheen
het blijft schijnen
en ik blijf kijken

uit alle hoeken van de kamer
naar je kijken
helpt
om jou opnieuw tegen te komen
het is intussen al te lang geleden
zo lang duurde de tussentijd nooit
eerder

verplaatsen durf ik je doodsprent – nu ik durf zeggen wat het is, wil ik ook vooral zeggen wat ik vind dat het is en dat is boven alles een mooie foto van jou – niet
dan ben je weg waar ik je het laatst zag, dat lijkt zo echt
dan kom je op een andere plek weer terug
en dat weet ik te goed, dat dat niet kan

net zoals wanneer ik je soms nog roep
“papa?”
alsof je nog terugkomt
alsof je er bent, nabij zelfs
en elk moment “ja?” kan antwoorden

 

♪ Thank you for the days – The Kinks
“I bless the light that lights on you believe me

 A song to daddy – Lior Shoov


 

Zomernachten

vorige keer zei de bediende in het postkantoor dat de zon teveel straalde
de keer daarvoor te weinig, nu dat er regen in de lucht hangt
het ook altijd iets is en wij pechvogels zijn
dat het ’s nachts mag doen wat het wil,
maar nu nog niet want ze moet nog naar huis
ze vraagt of ik het begrijp

ik zeg dat ik nog naar huis moet,
vraag wat zij zou schrijven in een gedicht over de zomer
ze antwoordt dat ze me wisselvallig vindt
ik schrijf op een postkaart dat zomernachten mogen doen wat ze willen

*dankje Vonk en Zonen en Goethe Institut Belgien voor dit fijne ‘Postje’.

39665507_299138210640137_8903712971226611712_n.png

 

De kleine prinses

Er zit een geheimzinnig meisje recht tegenover mij in metro 5 – richting Erasmus.
Ze heeft een paraplu op haar schoot liggen en ze houdt hem stevig vast.
Ze kijkt door het raam.
Haar opa staat naast haar.
Zijn arm rust beschermend op de leuning van haar zitplaats.
We staan stil in Beekkant. De metro naast ons komt ook tot stilstand.

“Een slang! Die mevrouw houdt een slang vast!”, roept ze luid.
Ze wijst naar de metro naast de onze.
Verschillende mensen uit onze wagon kijken benieuwd rond.
Haar opa fronst.
Metro 5 naast ons vertrekt in de andere richting, naar Herrmann Debroux.
Zien speelt zich niet af in dezelfde hersendelen als weten
en er volgt zo’n moment waarbij je je afvraagt of wij nu bewegen, of zij.
Het is een optische illusie,
een waarneming van onze ogen die onze hersenen anders interpreteren.

Ik denk aan ‘De Kleine Prins’.
Hij tekende een boa die een olifant had ingeslikt
en grote mensen zagen er een hoed in.
Ik zie nog hoe de vrouw aan de andere kant van het raam
haar sjaal op haar schoot legt, terwijl de metro vertrekt.

Het kleine meisje friemelt aan haar paraplu.
Ze kijkt me guitig aan en ik fluister ‘kapoen’ langs mijn glimlach weg.
Opa Frons haalt zijn arm van de rugleuning,
legt zijn hand op de paraplu en houdt haar tegen.
“Niet opendoen”, zegt hij kort “We zijn er bijna. Nog één halte.”
Het kleine meisje kijkt heel even erg beteuterd.
Daarna kijkt ze me opnieuw met speelse ogen aan.
Ze plooit haar dichtgeklapte paraplu voorzichtig een stukje open.
En ze toont me – alsof ze me een geheim laat zien –
voorzichtig de prent van een prinses.

Ik denk opnieuw aan de kleine prins.
Opa Frons zag ‘de hoed’. Hij zag een sjaal en een paraplu.
Het kleine meisje zag een boa en verbergt in haar regenscherm geheimen.
Zij wilde mij per se, met een zekere urgentie zelfs, nog voor ze uit moesten stappen,
de verborgen prinses tonen.
Dat had haar opa misschien nog niet goed begrepen.
Zien speelt zich immers niet af in dezelfde hersendelen als weten.

Merci Brusselblogt voor de steeds mooie publicaties, ook van De Kleine Prinses.

Diapauze

niemand op het werk weet dat we vanavond
dansen als dieren

in een cirkel van verbonden bomen
achter onze gesloten ogen
opnieuw in stammen leven 
tijdelijk onderdak
onder een open hemel
worden we teruggetrild naar onze oorspronkelijkheid
kijken nog vluchtig een dagvlinder na
zien geveerde antennes en een roltong
wensen hem een zomer lang – en herkennen daarin ons verlangen

 

37597151_10155362501782102_536552019268206592_n - kopie

 

glimlach naar
http://www.deweegbree.be/ voor locatie, de cirkel van de de verbonden bomen
& http://www.ecstaticdance.be/

Maanvuur

voor de avond valt verzamelt de indiaan de hele zon en de volle maan

onderweg zijn de plooien van de bergen vouwen
van vrouwen die naar de wilgenhut wijzen

ze dalen met attente passen de hoogvlakte af
tot rond het vuur hun voeten op de aarde staan
de brandende stenen in hun wezen uit een rode gloed bestaan
de maanden weer oorspronkelijk uit de rondreis van de maan

de hut vult zich met honing en hymnes
vuurstenen sissen onder helend kruidenwater
gevlochten wilgentakken houden uitdijende vrouwenlijven bij elkaar
ze zingen en zweten zich zuiver in de zwarte warmte
uit de baarmoeder van de aarde weerklinkt de waarheid van het oude volk

blijven ademen fluistert de indiaan
tot handen vol aarddraden de open lucht verwelkomen

herboren valt hij bij een smeulend vuur in slaap
met de warme hand van zijn moeder op zijn hart

* dank aan Veerle Phara en de mooie vrouwen onder de volle maan 26.07.’18
http://www.kachina-creative2energy.com
http://www.templeoftheearth.org

Wat zie je

beeld je dit even in

je wandelt rechtdoor op een smal trottoir en voor jou wandelt ook iemand,
recht op je af. de ultieme passen naderen. je kijkt elkaar rechtuit aan.

zij geeft mij het hele voetpad
en ik geef haar een spiegel
wat je geeft
krijg je terug
karma

we kiezen een kant
we mogen er zijn
en zijn
rakelings
elkaars naaste
we zeggen samen merci

we doen wat we kunnen
we zouden zelfs durven stellen
dat we alles voor elkaar zouden doen
we zijn mensen
raken elkaar te vaak
alleen maar rakelings
terwijl we doen wat we kunnen maar
als we zouden durven
zouden we alles

beeld je dit even in

 

♪  Luwten – difference 

Walking feetfoto: Chris Goldberg

Zoekzucht

citizennekaart_volledig_lr-page-0

 

*gedicht in opdracht van mijn favoriete organisatie in Brussel, Citizenne, die graag een nieuwjaarswens wilde schenken aan haar publiek. Illustratie van huistekenaar Stef Rymenants. Dankjewel voor deze mooie kans, vedettes van Citizenne!

Zoekzucht

dit is een wens voor mensen
in het zoeken zit het vinden
flaneren we daarom rond zuid centraal noord
wij zijn een kompas
in onze dagelijkse stad met streken
iedereen is een aanzet hier in dit oord

boven en beneden Brussel
wat een verleiding, ta tentation
mondiale grootstad met vele monden
laat ons spreken van jouw charme
in elk portaal
likken we hoopvol liefde jouw wonden

veelhoek met eigenzinnige kanten
verzameling sleutels van het moeras
city aan de Zenne
vedette
pupil van de irissen
waarmee wij beter kijken naar dit overgangsgebied tussen water en land

laat ons tegen elkaar wrijven met onze kern
in de straten rode draden maken
iedere aanzet is gelukt
in het zoeken zit het vinden
plekken om bij te huilen en om van te houden
om bij te blijven ademen na een zoekzucht

elk nieuw jaar is steeds een aanzet
belooft een betere versie van
witte vijvers om in te vissen
de zon slaat loodrecht op de middaglijn
ieder z’n zone op dit groot eiland
spektakel van markt tot coulissen

♥  jij bent aan zet

in onze schat met steegjes en spelonken
geef ze vonken
geef deze wens voor mensen:

hou liefde vol
hou Brussel vol
hou Brussel liefdevol

Wat er is

we hebben de nacht nodig
om de sterren te zien
iets nodig om te zien wat er is
niet eens de zon voor de kleur van alles maar
zuiver inktzwart duister
een schoot voor het licht van haar hemellichaam

iedereen die ooit leefde
heeft minstens één keer naar de maan gekeken
we huilden van blijdschap
en we lachten van verdriet
we hebben het maanlicht nodig
een schoot voor wat er overblijft in het donker

de wetten van de fysica vallen
minder is meer
de zon schijnt altijd
alleen soms gedempt door dekens en dan nog
de zee gaat niet onder
we hebben niet meer licht nodig
in het donker zien we dieper
elk lichaam heeft een eigen hartritme
een eigen soort licht

alles is er
past in geen parameter en toch
we hebben niets anders nodig dan wat er is
we hebben alleen nodig wat er is
alles wat we nodig hebben, is er
we moeten niets maken
we hebben niets nodig
alleen een schoot voor ons eigen licht
en een tweede schoot
voor wat er overblijft

we hebben de nacht
om de sterren te zien
en we hebben iets
dat het zwart tussen de sterren verlicht

14937824_10153861389107102_1566322364_n
*©voor de mooie tekening ‘Contrapunch’, bedank ik Maza.

♪we’re a part of something special

♪black as night

*’Wat er is’ werd geschreven na een belofte … Een belofte aan  Verhalenverteller Petra Beeckx. Deze straffe madamme kreeg me zover dat ik: – haar mijn notaboekje meegaf voor een week – dat ik openlijk enkele geheimen opbiechte (wanna know?) én – dat ik daarbovenop nog een gedicht schreef voor haar nieuwe podcast ~soon to come op de wondermooie blog labeeckxblog.wordpress.

b4ff6a1f-5d57-44e4-9bcd-ec1261212876.jpeg

*(geentoeval)sterren gevonden enkele seconden na het opnemen van ‘Wat er is’ met Petra voor ‘De Kladversie‘ – in een klein zaaltje helemaal op het bovenste verdiep van deBuren.

Nachtschade

ge hebt mij mogen lenen
maar ge hebt mij niet teruggezet
wist ge niet waar
mij te leggen

waart ge vergeten
op welke plank
gij voor het eerst uw ogen brandde
in mijn flank
ik zoek een plek nu
verhuis
mij

ge zocht
naar hoe ge mij moest lezen
best ’s nachts of overdag?
ik wachtte
tot ge het juiste blad zou aanraken
gij tot ik zou openvallen
op de pagina met waarheid in pacht

ik vroeg het mij al af
of ge mij zou uitlezen
tot aan mijn open einde                           ge kunt daar niet tegen
gij met uw universum open deuren

ge hebt mij een paar keer verlengd         ge denkt altijd in het verlengde van
tegelijkertijd andere boeken
verleid                                                      ge denkt altijd in verleiding
ze op uw nachtkast gelegd
naar mij gekeken
een ‘neen’ gezwegen
haar in uw bed gelezen

ik zal de causaliteit niet overschatten
ik zal sec zijn: de uitleentermijn is overschreden
wij zijn klaar
wie betaalt
de nachtschade
wie de boete                                            we stonden op uw kaart
ik zal sec zijn: open einde                                       

 

Ohla … een eervolle vermelding in Meander met dit gedicht!

Restless *i set you free

♪Ane Brun – All we want is love 

Heuvelen

ieder zijn eigen pad
elk oneindige eeuwen erosie
oud zeer oud goud vergaat
jij stijgt en ik daal
we kruisen elkaar niet we heuvelen

jij jouw mijlen
koperen kokers waardoor jouw grondstoffen pompen
naar een ander land en ik zal mijn private bron aanboren
handeldrijven langs de kant van de weg
opraken en verder trekken naar slibrijke grond

jij jouw vluchtwegen
en ik de mijne jij jouw zon en ik dezelfde
wachten op dezelfde regen
het is goed hier

we worden opnieuw
oorspronkelijk
en vinden nieuw goud
je kan niet alles kruisen

d005bc37-97e3-4ed3-a570-df8a45d7de12

(merci Siska en Hilde voor de laatste zin na de eerste Tajine) (En merci Annelies voor het nieuwe goud) (En dankje Miet voor het heuvelen http://nl.wikipedia.org/wiki/Heuvelen)

16299455_10154015550492100_6793845198027262450_n

Actie van BILL voor Grote Gedichtendag Zoektocht. Ontdek BILL’s favorieten bij jou in de buurt ☺️ Stad: Brussel. Tip: hooi.

 

♪Iron and Wine – Upward over the mountain

&

♪Ongeveer

Iemand vraagt waarom

Kunnen jullie het, leven?

Er waren eens mensen
en zij probeerden het zo:

“Het was vandaag een goede dag,” zegt iemand, “want het had erger gekund.” “Ja”, zegt nog iemand. “Zonder man voel ik mij geen vrouw”, zegt iemand anders.“Hah.. dan ben je jezelf nog niet tegen gekomen”, zegt nog iemand anders.

“Ik was u kwijt.” “Ik u niet.”

Een vrouw met kroezelhaar wordt wakker en vraagt “wat heb jij net gezegd?” “Snot.” Hij herhaalt dat van dat snot. Zij kuist dat snot af. Hij kijkt haar aan. Zij kijkt weg. Hij blijft haar aankijken. Hij begint te fluiten. En zelfs al fluitend blijft hij haar aankijken. Net daarvoor had hij tegen een slapende vrouw gezegd dat haar kind met kroezelhaar snot had hangen. Al fluitend blijft hij haar aankijken.

Er stokt iets in mij en die stok die schraapt mijn slokdarm. Deze tram, deze stad vol allene mensen grijpt mij vanbinnenuit naar de keel.

Een vrouw gekleed in gekleurde gewaden zit te dicht bij. Het heeft niets met haar te maken. En ik vind de kleuren die ze draagt wel mooi. Ze zit enkel te dicht bij. Te weinig ruimte. Te dichtbij. Zoals bij een prille verliefdheid, dat je denkt: “Wo, dat komt nu toch wel echt dichtbij.” Een jongeman met zijn haar in een kuif naar rechts gestreken, draait zijn hoofd naar links. Een man met een leren lege aktetas zegt dat hij vandaag de neiging heeft om achterover te vallen. Hij zegt het zomaar luidop in tram 12 – traject Sportpaleis tot aan ’t Zuid.

“Zijt gij aan het liegen? Gij zijt aan het liegen. Weet ge, mij moet ge niks wijsmaken. Dat ik die hele kamer met javel moet kuisen … zal het gaan!? Gij zijt niet normaal. Gij wilt gewoon echt problemen veroorzaken”, zegt een vrouw in haar mobiele telefoon. Ergens is er dus een zwart schaap. En ergens staat er een bus javel – onaangeroerd.

Een Spaanse toeriste die gisteren klaarblijkelijk Brugge bezocht, zegt dat ze alleen zegt wat ze denkt. Dat moet dan veel zijn, denk ik, maar zeg het niet. Een vrouw met een boek op haar schoot stopt niet met praten. Het boek zucht. Sommige gesprekken zouden moeten gewist kunnen worden. Anderen dan weer bewaard.

Een jonge vrouw vertelt dat ze in een Worddocument het woord ‘thuisvoelen’ schreef. En dat ze het volgens de spellingchecker verkeerd geschreven had. Het zouden twee aparte woorden moeten zijn. Maar zij vindt thuisvoelen veel mooier aan elkaar geschreven. Ik ook.

De tram kreunt en komt tot stilstand. Twee blinde mannen stappen uit, tikken met hun stok tegen de straat, wensen elkaar goed thuis, wandelen parallel naar huis. Iemand zegt: “Ik zal haar zeggen dat ik het vergeten ben.” Ze legt af. Ze belt iemand op. “Ik bel je om te zeggen dat ik het vergeten ben.”

Ik ben vergeten wat ze vertelden over jou. Ik weet alleen nog wat je met mij doet …

Een gladgeschoren dertiger belt naar huis, zegt “coucou” en dat hij later thuis zal zijn dan gepland. Iemand vraagt waarom.

De vrouw naast hem briest nerveus: “Blijf rustig. Ook al ben je bang, toon het niet aan je kat. Ja, oké, ze klom in die boom. Maar jij moet rustig blijven. Niet tonen aan je kat dat je bang bent. Dat zou projectie zijn. Ken je dat, projectie? … Ja, maar blijf nu toch rustig!”

Ik blijf rustig. Ik stap de tram uit en ben rustig. Ik loop het zebrapad over. Iemand heeft mij eens gezegd dat ik niet zo moet lopen. Dat ik ook kan wandelen. Klopt. Ik mag verlangzamen. Me thuisvoelen. Allebei in één woord geschreven.

Aan de tramhalte hoorde ik nog juist iemand zeggen dat ze van zodra ze kan, ze de ruimte zal gaan klaarzetten. Die zin had ik niet willen missen. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. De wonderen zijn de wereld.

Het was vandaag een goede dag. Niet om van achterover te vallen, maar gewoon, goed.

En de ruimte … De ruimte staat al klaar.

Screenshot_1.jpg

*Met deze tekst won ik Naft voor woord 2016.

 

Deze tekst een week later in Het Appeltje tijdens het zeer fijne traject van Fameus – Tien op de schaal van Dichter – met beeld: FILMPJE

*ik kwam net van een heerlijk weekend in Parijs en was deze avond in Het Appeltje mijn oriëntatie, de kluts én mijn tekst kwijt. Ik vergat: “Een vrouw gekleed in gekleurde gewaden zit te dicht bij. Het heeft niets met haar te maken. En ik vind de kleuren die ze draagt wel mooi. Ze zit enkel te dicht bij. Te weinig ruimte. Te dichtbij. Zoals bij een prille verliefdheid, dat je denkt: “Wo, dat komt nu toch wel echt dichtbij.” Dankjewel Gust Peeters voor het beeldmateriaal!

*Een dankbaar hart voor dit hert:
This Is Hert maakte 2 liedjes gebaseerd op m’n stukje ‘Iemand vraagt waarom’ https://verhaalgemaak.wordpress.com/…/…/iemand-vraagt-waarom/ voor het project Entramie  — songs te beluisteren via beide fbpagina’s.

 

♪People Watching – Jack Johnson

Wanneer de tijd klaar is

Wanneer de tijd klaar is.
Dat is het enige dat we weten.

Er zal in tussentijd heel wat gebeuren. Mensen zullen werken, eten, slapen. Metro, boulot, dodo. Maandag werken, eten, slapen. Werken eten slapen (…) Vrijdag werken, eten, slapen. Weekend (zucht). Daartussen, tussen dat ritme, vindt het leven plaatsen en plekken om ons te overkomen. Sommigen zullen zich over dat leven verbazen. Anderen zullen verbazen. Ieder op zijn beurt.

Er zullen mensen op reis vertrekken. Op weg naar of weg van geliefden. Of beide of ergens tussenin. Ik zal een voorbeeld geven:

er viel eens iemand uit de lucht
recht in iemand anders’ armen
en ze zeiden niets

het was een omarming die bleef duren
want hoe weet je
wanneer het tijd is om iemand los te laten

alles duurt altijd langer
ik zie je graag
is maar één zin

en ik zie je graag duurt altijd, altijd langer

Er zullen dus mensen op reis vertrekken. Op een van die reizen zoekt iemand naar haar adem. Ze mag weten dat zij meer dan genoeg is wanneer zij heel gewoon zichzelf is. Ik zal het zo zeggen: als 100% het ideaal is, willen we minstens 80 bereiken, terwijl 60 eigenlijk al voldoende is en wij zelf sowieso volmaakt zijn. Ze mag nu voor zichzelf ademen in plaats van voor twee. Drie. Vier.

Ergens zal iemand naar woorden zoeken of een boek lezen, waarin ze dan die woorden vindt. In een stad worden twee vrouwen mama van hun kindje. Ze worden het steeds meer. Kilometers velden verder werpen bomen wulps hun vruchten in manden en monden. Ergens … hoor je enkel de wind. Lakens waaien. Moeders turen tevreden de tuin in. Moeders sturen de vrede de tuin in … Iemand borstelt haar paard en fluistert langs de wilde manen: “jij bent vrij”. Er worden tafels gedekt. Bloemen geplukt. Vazen gevuld. Er zal door ramen gekeken worden en heel soms door een ziel. Er zullen mensen verdriet hebben, steun of rimpels krijgen.

Anderen kennen geluk, of leren het opnieuw kennen. Ergens maakt iemand een nieuwe start. Ze is nog nooit zo naakt de zee in gewandeld. In het water zwemt ze haar uittredende oevers terug bijeen.

Iedereen zal tijd krijgen en iedereen leert elke dag bij. Niemand kent de weg. Verloren is slechts een synoniem voor ‘op zoek’. Niemand kan exact vertellen of voorspellen wanneer de tijd klaar is. Het is iets dat geleidelijk aan gebeurt en zich toch plots voltrekt. Zoals uw frank die valt. Iemand tegen het lijf lopen. Je loopt namelijk reeds een tijdje voor het letterlijk gebeurt. Het is al een poosje aan de gang voor de opgeschrikte “Oh, pardon” volgt, de “Miljaar, kijk toch uit” of de “Oh, hey …”

“… hey daar”. Iemand ontmoeten. Je weet dat dit kan gebeuren. Het is bijna vanzelfsprekend. Het is zelfs al een poosje aan de gang. Je loopt namelijk reeds een tijdje voor het letterlijk gebeurt. Je loopt rond tussen werken, eten, slapen. En als het dan toch plots gebeurt, “Hey daar” … is het helemaal niet vanzelfsprekend. Integendeel.

Nochtans is het simpel. De tijd stuwt alles in de richting van eenvoud. Het is zoals een zelfgebakken taart. Of zoals een zelfgebakken brood, dat recept ken ik beter – twee kilo bloem, één liter water, wat boter en gist en een snuifje zout – een brood dat na het rusten klaar is om de honger van twee mensen te stillen. Zo ook stilt liefde de honger van twee mensen. Na het rusten. Na het breken. Helen. Groeien. Na het dieper doorbloeden van ons wijze hart. Wanneer de tijd klaar is.

tumblr_o6t9tzQcUy1uzh288o1_500.png

*Met deze tekst won ik de voorronde van Naft voor Woord 2016 in Mechelen 1/04/2016

♪The best thing – Doveman

Het daglicht niet

jij ook?
voel je dat?

wat heeft zich in mij genesteld?
wie heeft die knoop in jouw maag gelegd?

wat is er precies gebeurd?
welke herinnering blijft aan me kleven?

wat wil ik zo graag vergeten?
wat kom jij steeds weer tegen?

wat mag het daglicht niet zien?
wat kan niet groeien in dat licht?

laat je je raken?
ook door je eigen verdriet?

hoe verzacht ik pijn?
hoe verzacht ik ook maar iets?

ben je wie je zou willen zijn?
hou je van jezelf?

genoeg?

**

and-if-i-asked-you-to-name-all-the-things-that-you-love-how-long-would-it-take-for-you-to-name-yourself
stukje geschreven bij hoofdstuk 3 ‘Genezen van trauma’, deeltje 3.1 ‘Jij ook?’ voor het boek ‘Sterker worden waar het pijn doet‘.

Warmbloedig

vlees
vacht pels botten
iets bonkt bonkt lonkt

het reptiel wordt rustig
een kleverige blik glijdt over mijn lichaam
het zijn mijn vochtige ogen het is mijn lijf

mijn geest zweet nevel uit
het bange dier dat in mij huist brult niet meer
het huist alleen maar

het zoogdier wordt opnieuw warmbloedig
het vlees van mijn ontmijnde hartspier bonkt bonkt lonkt
ook ik ben een mens waard

14182278_10153703991957102_1817566519_n

Sfeerstukje uitSterker worden waar het pijn doet – deel 3 ‘van trauma genezen’.

♪Vancouver Sleep Clinic – Lung 

Gedragen

Dag Alfred
ergens in de stad
is er iemand die op jou heeft gewacht

zij slijpt hout
tot de beste versie van zichzelf
scherpzinnig grafiet prikt papier
open zal zij ook jou schaven liefdevol
rondom je goede hart

zij slijpt jouw naam
zodat hij al gaat leven nog voor jij lacht en huilt
zodat hij jou kan dragen

terwijl zij wacht is zij het die koffie drinkt
met de donkere vlekken schetsen maakt
haar huis vouwt
nu weet dat ze terug kan gaan
zodat zij jou kan dragen

nu kattenzacht
en sluipend schetst onder haar gedichten:
Mama Annelies

**
Geschreven voor Annelies De Ville  ∞ Alfred ∞ Benedicte Serroen.
In verbinding met Annelies*’ geboortekaartjegedicht:
* www.anneliesdeville.blogspot.com

20151117_200623

*Gelegenheidspoëzie! Dit gedicht werd geschreven voor Annelies en Benedicte die onlangs voor het eerst mama werden. Dichter Ward Mertens en ik brachten ons cadeautje samen op een gezellige regenachtige avond voor. Hij schreef ‘De Ooievaar (met een bloemkool in zijn keel)’ www.wardmertensschrijft.blogspot.be

20151117_200651

*scherpzinnig grafiet, geslepen door Annelies De Ville

Als we ermee kunnen leven

I.
het sap van de bomen
wat stuwt het sap van de bomen omhoog gelijk ons hart ons bloed
in ons lijf

het water
wat duwt het water neerwaarts wanneer breekt het
breekt het een val

ik loop tot waar ik uitmond
op tocht gedurig vaste lijnen zoek om mijn lichaam
te herbergen

als we er niet langs kunnen
moeten we erdoor als we ermee kunnen leven
laat het dan vrij

het is een zekerheid
een rotsflank boven water gelijk ons hart ons bloed
in ons lijf

elke zekerheid was eerst een keuze
en een keuze herbergt voor even
breekt een val

als we ermee kunnen leven laat het dan vrij

II.
ik laat je vrij omdat je vrij bent
ja

(dit is zo’n moment om ja te zeggen)

*Deze tekst Live in Simbolik, Brugge – een erg gezellige en warme halte op onze Poëziebustour 2016.

♪Ocean – John Butler Trio

♪Ane Brun – Still Waters
&
The sound that trees make534708_255639864558462_1760002636_n

copyright foto: Wildhart

Hoe schrijf je: niets

dat ze de kamer binnenkomt
en dat ze zich aan de keukentafel zet
hoe ze dat in een boek doen, zo
eenvoudig kan ik het niet

kan jij het, leven?
met die stilte
met enkel het gebeuren van dingen
hoe schrijf je: alles

hoe schrijf je: niets
ik wil vergeten
dat ik kan spreken
een moment veelzeggend beleven

er liggen woorden op de grond
woorden die vallen
tussen ons
nu wij elkaar krijgen

krijgen wij elkaars woorden
klein
tot we stil zijn
tot enkel het gebeuren van dingen

*Dit gedicht veroverde een plekje in ‘Het Gezeefde Gedicht’ van Charles Ducal en Roel Richelieu Van Londersele:

♪In a manner of speaking – Nouvelle Vague

woorden die vallen:

14182466_10153703778252102_166313775_n

Één zin

er viel eens iemand uit de lucht
recht in iemand anders’ armen
en ze zeiden niets

het was een omarming die bleef duren
want hoe weet je
wanneer het tijd is om iemand los te laten

alles duurt altijd langer
ik zie je graag
is maar één zin

en ik zie je graag duurt altijd langer

13907095_1270923356264595_570690049828251751_n

 

*Dit gedicht versierde een plekje op de Poëzieroute in Halen. Het kreeg één van de tien nominaties uit 300 inzendingen voor de wedstrijd ‘Klein Geluk’ Grote Poëzie- en fotowedstrijd Cultuurstad Halen.

♪Love story – Thomas Dybdahl

&
Run – Snow Patrol

Een tafelpoot erbij

volgens mij wil opa nog eens
met oma trouwen
of voor altijd
net met haar getrouwd zijn

voorbij de leeftijd van hun ouders
willen ze minstens geraken
dat zou mooi zijn
ze zijn nu bijna zo ver

zo ver dat ze verder
elke dag bij het opstaan
zegt zij je hebt het weer
een dagske kunnen verleggen

legt zich op zijn rug
een stevige tafel waarop handen
wijn, een handvol jaren
en af en toe begeerte rusten

zijn wandelstok is nodig
een tafelpoot erbij om te dragen
dat het leven dagelijks verlengt
en verlies zich telkens verlegt

zij dekt de volgende dag
op zijn grijze tafellaken
uitgekozen op de groei
want dat zou mooi zijn

14971357_10153861863242102_1481749926_n.jpg

 

foto: Eddy Verloes – Gepubliceerd in foto-gedichtenboek ‘No Time To Verloes’